FAQ - Veelgestelde vragen omtrent mobiliteit

Kan er een zebrapad aangelegd worden in mijn straat? 
Bij oversteekplaatsen voor voetgangers gelden een aantal specifieke verkeersregels. Zo zijn voetgangers verplicht om de oversteekplaatsen te gebruiken indien ze op minder dan 20 meter beschikbaar zijn. De andere weggebruikers moeten de voetgangers hier laten voorgaan en mogen niet parkeren op minder dan 5 meter voor de oversteekplaats. 
Een zebrapad wordt best aangelegd op die plaatsen waar voldoende overstekende voetgangers er gebruik van zullen maken. Dit om te voorkomen dat weggebruikers ze als overbodig en bijgevolg onnuttig gaan beschouwen. In voorkomend geval gaat de opvolging van de eraan verbonden regels ook meteen verwateren. 

Bij locaties met slechte zichtbaarheid of hoge snelheid worden beter geen oversteekplaatsen aangelegd. Voetgangers zouden immers het gevoel krijgen dat ze veilig kunnen oversteken, terwijl de locatie eigenlijk niet optimaal is. Oversteekplaatsen die een probleem kunnen vormen, moeten desnoods verwijderd worden. Ze geven de voetgangers immers een vals gevoel van veiligheid. Dat belet uiteraard niet dat voetgangers of fietsers daar toch oversteken, maar dan is het voor hen duidelijk dat ze dat met de nodige voorzichtigheid moeten doen.

Bij een snelheidsregime van 30 km per uur of lager, is het niet altijd aangewezen om oversteekplaatsen aan te brengen. Hiervoor zijn er twee goede redenen. Ten eerste zou het voetgangers verhinderen om over te steken waar ze willen. Ten tweede zou het de autobestuurders de kans geven om sneller te gaan rijden tussenin de oversteekplaatsen, want ze moeten niet meer permanent attent zijn op mogelijk overstekende voetgangers. Bij basisscholen kan het toch aangewezen zijn om ook in zone 30 zebrapaden in te richten omwille van het educatieve karakter ervan. Ook op locaties waar veel voetgangersstromen komen, zoals in stationsomgevingen, kan men ervoor kiezen om toch een voetgangersoversteekplaats te markeren.
 
Alle aanvragen zullen grondig bekeken worden. Voor oversteekplaatsen op gewestwegen, volgt wegbeheerder Agentschap Wegen en Verkeer deze richtlijnen.

Er wordt te snel gereden in mijn straat, wat doet de gemeente/politie hieraan? 
Snelheid is één van de belangrijkste ongevalsfactoren en één van de belangrijkste oorzaken van een verminderde verkeersleefbaarheid. Klachten en meldingen van te hoge snelheden nemen we steeds ernstig! Nog voordat je in het straatbeeld resultaat ziet, gaan wij al aan de slag. We zullen immers eerst nagaan welke snelheidsgegevens we al hebben in het gebied waarover de klacht gaat. Als we te weinig informatie hebben, zullen we bijkomende metingen uitvoeren om een beter beeld te krijgen van de melding. Zo vermijden we het subjectieve onveiligheidsgevoel en kunnen we via metingen objectieve cijfers analyseren en gerichte beslissing nemen.

Als we vaststellen dat de snelheid werkelijk problematisch is (dit is zo wanneer 15% of meer van de bestuurders zich niet aan de opgelegde snelheid houdt), dan bekijken we welke acties het beste resultaat kunnen opleveren. Dit kan gaan van preventieve snelheidscampagnes over snelheidscontroles tot het aanbrengen van snelheidsremmers of een gedeeltelijke tot volledige aanpassing van de weginfrastructuur. Het spreekt voor zich dat dit in een stappenplan wordt aangepakt binnen een korte tot lange termijn uitvoering al naar gelang de nodige ingrepen die een duurzame en verkeersveilige oplossing bieden.
Kan de gemeente snelheidsremmers aanleggen in mijn straat? 
Een snelheidsremmer is een middel, geen doel op zich. Het kan een oplossing zijn om de weg veiliger te maken of om verkeer te weren uit een wijk.
Maar er zijn ook nadelen verbonden aan snelheidsremmers:
  • Verkeersdrempels doen voertuigen afremmen en optrekken. Hierdoor wordt in de omgevingen van drempels doorgaans meer fijn stof en ook verhoogde uitstootgassen gemeten dan op andere wegsegmenten. 
  • Verkeersdrempels kunnen geluidshinder veroorzaken. Bij het op- en afrijden van de verkeersdrempel door het contact van de voertuigen met de drempel en de weg en door het geluid van de optrekkende voertuigen zelf. Ook kunnen er hierdoor in de nabije woningen trillingen ontstaan die storend kunnen werken.
  • Wegversmallingen als poorteffect zijn nuttig op plaatsen waar er overgangen zijn tussen verschillende snelheidsregimes. Op andere locaties kunnen bestuurders net iets sneller rijden om er toch maar als eerste door te raken. 
  • Snelheidsremmers zijn op trajecten van de openbare vervoersmaatschappij niet aangewezen.
Vooraleer we overgaan tot het plaatsen van snelheidsremmers of andere bijsturingen, gaan we eerst na hoe groot het snelheidsprobleem is. Via gerichte metingen en objectieve cijfers trachten we een gerichte beslissing te nemen.

Waar en wanneer wordt er een verkeersspiegel geplaatst?
Het college van burgemeester en schepenen besliste op de zitting van 23 september 2020 geen verkeersspiegels meer te plaatsen op openbaar domein. De risico’s zijn immers groter dan de baten. Doorgaans gaat het om een situatie waarbij de zichtbaarheid wat minder goed is en zijn er wellicht andere middelen om deze te verbeteren. Niet in de laatste plaats bijvoorbeeld het snoeien van hagen en dergelijke van aangelanden aan een kruispunt (toepassing art. 81 van het zonaal politiereglement).

Het nut van dergelijke spiegels wordt in vraag gesteld om volgende redenen:
  • het vereist voor veel weggebruikers een bijzondere vaardigheid om de info via de paraboolspiegel correct in te schatten
  • de weggebruiker moet heel goed op de hoogte zijn van de verkeerssituatie en wat hij via de spiegel kan overzien
  • een verkeersspiegel veroorzaakt schijnveiligheid
  • afstanden en rijsnelheden zijn moeilijk in te schatten en fietsers worden gemakkelijk over het hoofd gezien
  • bij regenachtig weer, in het donker en bij mist geven de spiegels niet de gewenste info
  • verder blijkt dat de verkeersdeelnemers vaak gefocust zijn op de spiegel en minder goed op de rest van het verkeer letten
Mede omwille van deze redenen heeft het gewest voor de gewestwegen, alsook heel wat steden en gemeenten voor de gemeentewegen, ondertussen besloten deze spiegels niet meer te plaatsen, en zelfs stelselmatig weg te nemen. Het wegnemen van spiegels heeft de gemeente Galmaarden nog niet in voege laten treden.
 
Het wordt de aanvrager momenteel toegelaten deze spiegel zelf te bekostigen en te plaatsen indien deze een particulier belang nastreeft, op voorwaarde dat dit gebeurt volgens de regels der kunst en dat dit ook volledig door de aanvrager wordt bekostigd.
De voorwaarden hierbij zijn dat:
  • de spiegel niet mag worden geplaatst op het openbaar domein, maar op privaat domein mits voorafgaandelijk toestemming van de eigenaar wordt bekomen
  • het openbaar domein dient te allen tijde vrij te blijven voor het maaien van de bermen, onderhoud van de gracht en dergelijke
Het college stelt als algemene regel dat de aanvraag voor het plaatsen van een verkeersspiegel voortaan wordt geweigerd en dit voor de hele gemeente, tenzij het plaatsen van een verkeersspiegel op het openbaar domein onontbeerlijk is voor alle weggebruikers en het algemeen belang.

Hoe zorgen we samen voor een veilige schoolomgeving? 
Een veilige schoolomgeving is een gedeelde zorg voor de overheid, schooldirectie, oudercomités, leerlingen, weggebruikers en omwonenden. Als gemeente doen we er alles aan om de schoolomgeving zo veilig mogelijk te maken, wat niet wil zeggen dat er geen plaats is voor verbetering. Ook jij kan je steentje bijdragen als gemachtigd opzichter aan de schoolpoort. Wil jij gemachtigd opzichter worden? Meer info kan je vinden via www.vlaamsbrabant.be/nl/onderwijs-en-vorming/gemachtigde-opzichters

Kan er een halt toegeroepen worden aan sluipverkeer in mijn straat?
Door de verschillende online routeplanners worden bestuurders vaak doorheen verblijfsgebieden gestuurd, om de drukte op de hoofdwegen te vermijden.  Als gemeente zien we dit niet graag gebeuren, omdat dit de beoogde verkeerstroom grondig door elkaar haalt. Er zijn verschillende mogelijke oplossingen, de éne al wat drastischer dan de andere. De meest eenvoudige maar ook meest drastische maatregel is de verbindingen via de woonwijken of straten af te sluiten met verkeerspaaltjes. Een belangrijk nadeel is dat ook de bewoners van deze straten dan zelf moeten omrijden. 
 
Een andere oplossing kan bestaan uit het invoeren van (éénrichtings-)lussen. De bestuurders die de doorsteek gebruiken halen er geen voordeel uit en de bewoners zelf ondervinden maar een beperkte impact. 
 
Ook kunnen we ervoor opteren om verkeersborden te plaatsen met een toegangsverbod met onderbord ‘uitgezonderd plaatselijk verkeer’. Alleen worden deze borden niet door alle bestuurders even nauwgezet opgevolgd. In samenhang met politiecontrole wordt de kans op slagen vergroot. Politiecontrole kan sporadisch en tijdelijk uitgevoerd worden, maar het is een realiteit dat onze politiediensten niet overal terzelfdertijd kunnen zijn en ook moeten instaan voor vele andere taken voor zaken die zich voordoen binnen onze maatschappij. 

Vooraleer we overgaan tot een eventuele oplossing, willen eerst nagaan hoe groot het probleem van sluipverkeer is in de betreffende straat. Dat kan op basis van bestaande telresultaten, of na het uitvoeren van nieuwe tellingen. De resultaten van de telling worden vervolgens gelegd naast de wegcategorisering. Het spreekt voor zich dat op een verbindingsweg meer verkeer mogelijk moet zijn dan in een woonstraat of landelijke weg. Op basis van de resultaten, kan de verkeerscel dan nagaan of er aanpassingen nodig en mogelijk zijn. Dit volledige proces is arbeidsintensief en kan een aantal maanden duren. 

Kan er een verbod op zwaar vervoer ingesteld worden in mijn straat? 
Het vrachtverkeer blijft zowel lokaal als in geheel Europa toenemen. Het is voor bedrijven immers eenvoudig, snel en voordelig om het vrachtverkeer over de weg te organiseren. Om files te vermijden zoeken een groot aantal vrachtwagenbestuurders alternatieve wegen op. Ze worden daarbij geholpen door routeplanners (zoals GPS), die hen dan door het onderliggend wegennet loodsen. Het onderliggend wegennet is hier meestal niet op voorzien en het toenemend vrachtverkeer geeft een onaangenaam gevoel, zelfs een onveiligheidsgevoel, voor de andere weggebruikers. Ook zijn er bijkomende risico’s verbonden aan het toenemend vrachtverkeer, denken we bijvoorbeeld maar aan de dodehoekongevallen. Niet al onze wegen zijn ontworpen om dergelijke voertuigen te ontvangen. 

Om de verkeersleefbaarheid te verhogen op de lokale wegen, is Galmaarden opgedeeld in zones waar tonnagebeperking is opgelegd, met uitzondering voor plaatselijk verkeer. Steekproefsgewijze controles tonen aan dat dit doorgangsverbod vrij goed wordt nageleefd. De meeste vrachtwagens die er rijden hebben dus wel degelijk bestemming of herkomst in de zone. Ook in deze zones dient het plaatselijk (zwaar) verkeer zich zo veel mogelijk te houden aan de wegcategorisering. Dit door in eerste instantie gebruik te maken van de verbindings- en ontsluitingswegen, en zo weinig mogelijk via landelijke wegen en woonstraten te rijden.

Wat is het nut van de zones 30?
Een snelheidsbeperking van 30 km/u is de norm aan bijvoorbeeld de scholen. Een maximumsnelheid van 30km/u heeft dan ook heel wat voordelen:
  • Het verschil in snelheid tussen gemotoriseerd verkeer en de fietser is klein genoeg om samen de wegruimte te delen.
  • Je hebt een veel breder gezichtsveld waardoor je beter ziet wat er om je heen gebeurt en je sneller kan reageren. Bovendien is de stopafstand veel kleiner.
  • De overlevingskansen van een voetganger die met 30km/u wordt aangereden zijn vier tot vijf keer groter dan bij een aanrijding met 50 km/u. Dat komt uiteraard omdat de klap van de aanrijding veel harder is naarmate de snelheid stijgt.
  • Voor online routeplanners en dus ook voor sluipverkeer wordt het minder aantrekkelijk om door woonwijken te rijden.

Waar rijd je met een speed pedelec in het verkeer?
Aangezien de speed pedelec onder de bromfietsen valt, kan je op wegen met een maximum toegelaten snelheid van 50 km/u vrij kiezen om op de rijbaan of op het fietspad aangeduid door het verkeersbord D7 of door wegmarkeringen te rijden. Op wegen met een snelheid van meer dan 50 km/u, moet je met de speed pedelec op het fietspad rijden wanneer dit is aangeduid door het verkeersbord D7 of door wegmarkeringen.

Speed pedelecs zijn niet toegelaten op fietspaden, aangeduid met de borden D9 of D10. In dat geval dient men met de speed pedelec op de rijbaan te rijden.  De wegbeheerder kan echter door het plaatsen van speciale onderborden de plaatselijke situatie aanpassen. 

Hoewel je met een speed pedelec 45 km/u kan rijden, dien je je ook aan de geldende snelheidsbeperkingen te houden. Dit wil zeggen dat je ook met een speed pedelec in zones 30 en in fietsstraten max. 30 km/u mag rijden
 
Hier vind je een samenvattende tabel:
 


© Gemeente Galmaarden - Marktplein 17, 1570 Galmaarden - T 054 89 04 00 - info@galmaarden.be - Facebook - OND 0207.508.338
Sociaal Huis - Marktplein 19, 1570 Galmaarden - T054 89 04 70 - sociaalhuis@galmaarden.be

[ Powered by The eForum Factory ]